Bitcoin daalt verder terwijl roep om toezicht groeit
De bitcoin en andere cryptovaluta hebben deze week opnieuw forse verliezen geleden, ondanks de pro-crypto houding van de Amerikaanse president Donald Trump. Voor de vierde maand op rij dreigt bitcoin in het rood te eindigen, een ontwikkeling die sinds 2018 niet meer is voorgekomen.
Marktsentiment onder druk
De directe oorzaak ligt in de onrust op de financiële markten. Technologieaandelen zijn bijzonder gevoelig voor deze volatiliteit, omdat beleggers bij aanhoudend hoge rentes voorzichtiger worden en winst nemen na eerdere koersstijgingen.
Hoewel Trump zich uitgesproken pro-crypto opstelt met beloftes over minder regulering en bitcoin als onderdeel van de nationale reserve, blijft het vooralsnog bij woorden. Concrete wetgeving laat op zich wachten, terwijl het wereldwijde marktsentiment onder druk staat door geopolitieke spanningen en dreigementen met nieuwe importheffingen.
Regulering als noodzaak
Paradoxaal genoeg groeit tegelijkertijd de roep om strengere regulering van de cryptomarkt. Overheden willen meer grip krijgen op wat vaak een 'cowboymarkt' wordt genoemd. In de Verenigde Staten richt de discussie zich vooral op grote handelsplatforms zoals Coinbase en Binance, waar verschillende rollen samenkomen zonder strikte juridische scheiding.
Deze ontwikkeling botst met het oorspronkelijke crypto-ideaal van vrijheid en decentralisatie, dat ontstond uit wantrouwen tegen banken en overheden na de financiële crisis van 2008. Beleidsmakers stellen echter dat regulering noodzakelijk is om beleggers te beschermen in een grotendeels ongereguleerde markt.
Europese aanpak
In Europa, inclusief Nederland, valt de bescherming van cryptobeleggers sinds eind 2024 onder de MiCAR-wetgeving (Markets in Crypto-Assets Regulation). Deze EU-brede regels zijn bedoeld om de cryptomarkt transparanter en eerlijker te maken.
Het Nederlandse toezicht ligt bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM), die praktijken als pump-and-dump nu expliciet kan verbieden en sanctioneren. Volgens onderzoek bezit ongeveer 10 procent van de volwassen Nederlanders cryptovaluta, met een veel hoger percentage onder jongeren van 18 tot 34 jaar (17 procent).
De AFM waarschuwt dat vooral jonge beleggers kwetsbaar zijn, omdat zij vaak beïnvloed door influencers geld steken in zeer speculatieve cryptomunten zonder de risico's volledig te overzien.