Zeeland hervormt toerismebeleid: kustgemeenten verzetten zich
De provincie Zeeland in Nederland heeft besloten om het roer om te gooien. Het provinciebestuur wil de ongebreidelde groei van vakantiehuisjes en de vermindering van campings aan de kust aanpakken. Gisteren nam een meerderheid van de Provinciale Staten een tienstappenplan aan voor een strenger toerismebeleid. Deze bestuurlijke hervorming botst echter met de wensen van de lokale kustgemeenten, die liever vasthouden aan hun eigen regelgeving.
Bestuurlijke ingreep tegen 'verstening'
Projectontwikkelaars kopen steeds vaker bestaande campingplaatsen op om daar luxe vakantiehuizen neer te zetten. Dit fenomeen, in de wandelgangen 'verstening' of 'verroompottisering' genoemd, zorgt ervoor dat de diversiteit van het recreatieve aanbod onder zware druk komt te staan. Sinds 2012 zijn er in Zeeland al meer dan zeventig campings verdwenen. Ze maakten plaats voor vakantieparken met huisjes. Om deze trend te doorbreken, kwam het provinciebestuur met een ingrijpend plan.
Het aangenomen voorstel verbiedt de aanleg van nieuwe minicampings aan de kust. Andere nieuwe vormen van logies zijn straks ook niet meer toegestaan. Binnenlandse gemeenten zonder kustlijn mogen nog wel nieuwe campings bouwen, maar het aantal plekken wordt beperkt tot maximaal vijftien. Dit moet zorgen voor een betere en eerlijkere verdeling van het toerisme over de hele provincie.
Roep om effectievere regelgeving
Verschillende politieke fracties, waaronder de SGP, VVD, BBB en SP, vinden de maatregelen nog niet ver genoeg gaan. Zij dienden een motie in die werd gesteund door een ruime meerderheid. De fracties willen dat de provincie onderzoekt of gemeenten de opkoop en omvorming van campings kunnen voorkomen via hun omgevingsplannen. Ook pleiten ze voor zogeheten instructieregels van de provincie. Die regels moeten gemeenten helpen om verdere verstening tegen te gaan.