Van De Roo tot Van Dijke: de tien Zeeuwse Giro-rijders
De internationalisering en professionele evolutie van de wielersport brengen talenten van over de hele wereld naar de voorgrond. Ook uit de Nederlandse provincie Zeeland weten renners de weg naar de hoogste regionen te vinden. Sinds de eerste editie in 1909 hebben pas tien Zeeuwen deelgenomen aan de Ronde van Italië. Daarmee blijft de Giro achter bij de Tour en de Vuelta als het om Zeeuwse deelnames gaat. De laatste vijftien jaar is er echter een duidelijke inhaalmovement zichtbaar. Tijdens de 109e editie, die momenteel wordt verreden, staan voor het eerst twee Zeeuwen aan de start. Dit overzicht belicht de renners die om het roze streden, te maken kregen met bijzondere valpartijen, corona als tegenstander vonden of als invaller nipt een ritzege misten.
1. Jo de Roo (1960 en 1967)
Jo de Roo rijdt beide edities van de Giro waaraan hij deelneemt niet uit. De coureur uit Schore stapt in 1960 tijdens de vierde etappe af. In 1967 gaat hij niet meer van start in de twaalfde etappe. De dag voor zijn uitval in die tweede Giro pakt De Roo nog wel een opmerkelijke ereplaats. In de straten van Salerno vinden diverse renners het asfalt tijdens de massasprint, waaronder de toen 29-jarige Bevelander. Hij kan snel weer opstappen en wordt alsnog tweede, op negen seconden van de winnaar.
2. Kees Bal (1976)
Als ploeggenoot van Eddy Merckx, die achtste wordt in het eindklassement, rijdt Kees Bal in 1976 zijn enige Ronde van Italië. De inwoner van Kwadendamme wordt 82e, op ruim drie uur van eindwinnaar Felice Gimondi. Opmerkelijk is dat Bal dat jaar de enige Nederlander is die de ronde uitrijdt. Van de drie gestarte Nederlanders stappen er twee af, wat de zwaarte van de wedstrijd benadrukt.
3. Maarten Ducrot (1990)
Vlissinger Maarten Ducrot reed al vier keer de Tour de France voordat hij in 1990 voor het eerst aan de Giro deelnam. Met zijn nieuwe ploeg TVM en onder leiding van ploegleider Cees Priem, eveneens een Zeeuw, moesten de tegenvallende voorjaarsprestaties worden gecorrigeerd. In Italië verliep het efficiënter; kopman Phil Anderson won een etappe en greep de overwinning in het Intergiro-klassement. Ducrot zelf eindigde als 98e.
4. Johnny Hoogerland (2011 en 2014)
Tijdens zijn twee Giro's kan Johnny Hoogerland minder laten zien dan hij gehoopt had. In 2011 wordt de Yersekenaar 74e, drie jaar later eindigt hij als 105e. Van zijn eerste optreden blijft vooral de derde etappe hem bij. Hij ziet de gevallen Wouter Weylandt liggen tijdens een afdaling. De Belg, die een jaar eerder een Giro-etappe naar Middelburg won, overleeft de val niet. In 2014 is het de zestiende rit die indruk maakt. Het peloton trekt in de vrieskou door de Dolomieten. Na de finish uit Hoogerland zijn frustratie op sociale media over de omstandigheden die renners accepteren.
5. Nick van der Lijke (2015)
In zijn eerste en, naar later bleek, enige grote ronde fungeert Nick van der Lijke voornamelijk als helper van sprinter Moreno Hofland bij LottoNL-Jumbo. De Middelburger kan zichzelf echter ook af en toe in de schijnwerpers plaatsen. Hij zit tweemaal in de ontsnapping van de dag en finisht in de zeventiende etappe als tiende. In het eindklassement wordt hij 86e.
6. Antwan Tolhoek (2019 en 2020)
Bij zijn debuut in 2019 moet Antwan Tolhoek direct aan de slag om kopman Primoz Roglic bij te staan. Vijf dagen draagt de Sloveen de roze trui, die verdedigd moet worden. Zodra Roglic de leiding kwijt is, focust het team op een hoge klassering. Mede door het werk van de Yersekenaar in de bergen wordt Roglic derde. Jumbo-Visma wint ook het ploegenklassement, een bewijs van efficiënt teamwerk. Tolhoek wordt individueel 68e. In 2020 gooit het coronavirus roet in het eten. De ronde verschuift naar het najaar en wanneer meerdere Jumbo-Visma-renners positief testen, moet de hele ploeg naar huis. Na negen etappes is het voorbij voor Tolhoek.
7. Tim van Dijke (2024)
Het voorjaar van 2024 is rampzalig voor Visma-Lease a Bike door vele valpartijen. Tim van Dijke staat aanvankelijk niet op de startlijst, maar de renner uit Colijnsplaat moet toch invallen. In Italië slinkt de ploeg verder, onder meer door het verlies van sprinter Olav Kooij. Van Dijke krijgt in de tweede helft van de ronde de ruimte voor eigen kansen. Dit levert moderne, aansprekende resultaten op: een vierde en een vijfde plek. Hij eindigt als 105e in het eindklassement.
8. Milan Vader (2025)
Milan Vader wordt 80e in het eindklassement. Het lukt hem niet om Q36.5-kopman Tom Pidcock, die 16e wordt, hoger te brengen. Desondanks kijkt de Middelburger terug op een geslaagde Giro. Hij vindt het jammer dat de drie weken alweer voorbij zijn. Een bijzonder moment volgt tijdens de slotrit, wanneer het peloton langs de nieuwe paus rijdt.
9. Timo de Jong (2026)
Het optreden van Timo de Jong in de Giro is ongelukkig. Tijdens de derde etappe in Bulgarije komt hij ten val. Hij bezeert daarbij opnieuw zijn linkerpols, die hij eerder in het seizoen al had gebroken. Medisch onderzoek in Italië geeft groen licht, maar tijdens de vijfde etappe wordt de pijn de 27-jarige Goesenaar te veel. Met pijn in het hart stapt hij af.
10. Mick van Dijke (2026)
Voor Mick van Dijke is de taak duidelijk: de twee kopmannen van Red Bull-BORA-hansgrohe bijstaan. Na elf etappes verloopt dat naar wens. Jai Hindley staat zesde in het algemeen klassement, Giulio Pellizzari negende. Een podiumplek is nog volop within reach. Bovendien gaat Red Bull-BORA-hansgrohe aan de leiding in het ploegenklassement, wat de focus op structureel teamsucces onderstreept.